Persoonsgegevens
| Voornaam | Martien |
| Initialen | M.C.M. |
| Achternaam | van den Berg |
| Geslacht | Man |
| Leeftijd | 27 |
| Beroep | Melkboer |
| Woonplaats | Wassenaar |
| Geboren | 16 februari 1914 in Abstwoude |
| Overleden | 24 september 1993 |
| Reden arrestatie | Spionage activiteiten, tekeningen van opslagplaatsen van minutie en wapens Westbroekpark (Scheveningen) |
| Gearresteerd in | Wassenaar |
| Gearresteerd op | 2 april 1941 |
Oranjehotel
| Datum in Oranjehotel | 12 april 1941 |
| Oranjehotel verlaten | 28 april 1942 |
| Cel(len) | 336 |
| Bijzonderheden | De heer Van den Berg was lid van de verzetsgroep 'Van Rij'. Hij werd op 28 april 1942 vrijgelagen, maar moest zich op 14 juli 1942 melden aan het Wolvenplein te Utrecht, waarna hij naar Kamp Amersfoort is overgebracht waaruit hij op 25 november 1942 is vrijgekomen. |
Categorieën
VerzetsactiviteitenFormulier persoonsgegevens oud-gevangenen: familie
Gedenkboek van het Oranjehotel
Ingezonden verhalen over Martinus Cornelis Marie van den Berg
Nederland werd bij de Tweede Wereldoorlog betrokken op 10 mei 1940.
Natuurlijk zette het gezin van den Berg zich in voor hun vaderland.
In de eerste oorlogswinter hing Martien een oranje sjaal om de nek van de sneeuwpop, die in de voortuin van de ‘Weteringhoeve’ stond: een stil verzet.
Martien en zijn broer Pleun werden in de oorlog opgepakt.
‘In het begin van 1941 had ik mij aangesloten bij een groep personen, die illegaal werkten en onder leiding stonden van een zekere Peppink (‘Vrij Nederland’), wonende te Amsterdam. We maakten tekeningen van opslagplaatsen voor munitie en wapens van de Duitsers in het Westbroekpark .
Op 2 April 1942 kwamen er twee politiemannen aan de woning van mijn vader, waar ik toen werkzaam was aan den Zijdeweg no 57a te Wassenaar, die zich legitimeerden als zijnde genaamd Wijmenga en Viëtor. Wijmenga zeide tegen mij dat hij opdracht had van de Grüne Polizei om mij te arresteeren, omdat ik deel uitmaakte van een illega- le organisatie. Ik bekende dat ik in het bezit was van een pistool met patronen en werd daarop door de twee politiemannen meegenomen en overgebracht naar perceel Raamweg 14, alhier, in welk gebouw de Sicherheitsdienst was gehuisvest. Aldaar werd ik in verhoor genomen door den Duitschen politieman Heyduck. Na het verhoor, waarbij ik bleef ontkennen deel te hebben uitgemaakt van een illegale organisatie werd ik overgebracht naar de cellenbarakken te Scheveningen. In de cellenbarakken ben ik nog enige malen door Wijmenga en Viëtor verhoord’.
Deze cellenbarakken (de bajes op de Pompstationsweg) dateerden al vanaf 1919 en werden bekend als het Oranjehotel.
Zijn broer Pleun ontkende ook, maar werd op 12 april 1941 alsnog gearresteerd en in cel 336 van hetzelfde Oranjehotel ingesloten.
De moffen hadden briefjes gevonden waarop de broers boodschappen hadden doorgegeven.
Nadat handschriften waren vergeleken bleek dat ze er echt bij betrokken waren.
Martien mocht daar één maal per twee weken bezoek ontvangen, maar het lukte zijn moeder Pietje vaak om een maal per week op bezoek te mogen.
Toen zijn zus Jeanne op 11 juni trouwde fietste ze ‘s morgens vroeg, voor ze zich in haar bruidstoilet tooide, met een pakje met snoepwaar naar het Oranjehotel en heeft dat voor haar broers afgegeven.
Martiens zaak diende op 4 november 1941 voor het Kriegsgericht des Marinebefehlshabers in den Niederlanden. Martien werd veroordeeld tot één jaar gevangenisstraf wegens verboden wapenbezit. Het vonnis werd echter op 23 december 1941 vernietigd en hij bleef in gevangenschap in afwachting van een nieuwe uitspraak.
Martien 1942 Oranjehotel (zie foto onder kopje foto's)
Hij deed dienst als stoker en gangwacht in het Oranjehotel en maakte cellen schoon. Ook moest hij regelmatig naar de Waalsdorpervlakte om een graf te delven, hij wist nooit voor wie het was en of het misschien voor hemzelf was. Om zijn tijd in de cel te doden gooide hij een speld over zijn rug naar achteren en ging daar dan uren naar zoeken, dan was hij tenminste bezig.
Op 20 maart 1942 kwam zijn broer Pleun bij hem in de cel.
Kort daarna, op 28 april, werd Martien vrijgelaten. Wat een vreugde in de familie van den Berg!
Martien en Aagje verloofden zich. Op 14 juli 1942 moest Martien zich melden in Utrecht, maar kwam helaas niet terug. Hij verbleef tot 7 november 1942 in de Deutsche Untersuchungs- und Strafgefängnis aan het Wolvenplein 27 te Utrecht en werd toen overgebracht naar het Polizeiliches Durchgangslager in Amersfoort. In kamp Amersfoort mocht Martien geen bezoek ontvangen.
Amersfoort was van augustus 1941 tot maart 1943 een hongerkamp.
De gevangenen kregen per dag een klein stukje brood en twee of drie keer per week een klein blokje margarine, een miniem stukje kaas, soms wat jam en een enkele keer een stukje worst. Het middageten was meestal een soort koolsoep, niet al te slecht van kwaliteit en in elk geval warm, maar de verstrekte hoeveelheid was gering, niet veel meer dan een halve liter. De gevangenen vermagerden dan ook in een angstaanjagend tempo. Voedselpakketten mochten de gevangenen niet ontvangen. Martien vertelde later dat hij ontdekt had dat je van 18 beukenootjes per dag kon leven.
Gelukkig kwam hij al snel vrij, op 25 november 1942 mocht hij naar huis.
Uitkijktoren kamp Amersfoort (zie foto onder kopje foto's)
Toen hij eindelijk bijna thuis was zag zijn zus Gré een magere man aan komen lopen en ze zei tegen moeder Pietje: ’Moeder, daar komt weer zo’n man die bijna sterft van honger en we hebben bijna niks meer’.
Toen pas zag ze dat het haar zeer ondervoedde broer Martien was.
Op 26 april 1943 schreef Martien aan zijn broer Pleun die inmiddels in Rheinbach gevangen zat:
‘Je begrijpt wel dat ik het thuis buitengewoon kan wennen. Er is veel te doen, maar ‘t is fijn buiten. Ik heb ook examen gedaan van de middenstands: mondeling is 20 juni, maar ik geloof dat ik wel bak. Trouwplannen zullen we nog maar even uitstellen. Verder leven wij met moed en vertrouwen zoals in de dagen toen ik nog bij je zat’.
En op 6 juli berichtte Martien aan Pleun:
‘We hebben zoveel bij elkaar en met elkaar geweest achter ‘t Slot. Maar ‘t is nu zoo; mijn haar heeft weer de volle lengte dus dat zegt genoeg. Eerste maanden ben ik zwart geweest maar nu wordt het vanzelf weer de oude kleur. [...] ‘t Is nu bijna een jaar geleden dat ik weer bij jou kwam in Utrecht. ‘t Is nog weer een heel eind een jaar, het is afwisselender geweest als vorig jaar’.
Verhaal insturen
U dient ingelogd te zijn om een verhaal in te sturen.
Account / aanmelden
Foto insturen
U dient ingelogd te zijn om een foto in te sturen.
Account / aanmelden
Wijzigingen doorgeven
U dient ingelogd te zijn om een wijziging/opmerking te versturen.
Account / aanmelden

